• Bedrijfshulpverlening kan social media beter benutten
24 februari 2014
24 feb 2014

Bedrijfshulpverlening kan social media beter benutten

Het Nederlands Instituut voor Bedrijfshulpverlening (NIBHV) heeft in ‘Visie op zelfredzaamheid en bedrijfshulpverlening’ (november 2012) geschreven dat de bhv kan worden verbreed naar het activeren en benutten van (zelf)redzaamheid tijdens een noodsituatie. Het NIBHV ziet voor de bhv’er van de toekomst twee nieuwe activiteiten, namelijk het voorkomen van een noodsituatie en de voorbereiding op een noodsituatie. Het eerste is op dit moment nog geen expliciete taak van de bhv’er. De tweede activiteit is dat al wel. De schrijvers van dit artikel willen laten zien dat de bhv’er van de toekomst gebruik kan maken van sociale media om de directe omgeving te betrekken en de (zelf)redzaamheid van een organisatie te  vergroten. Dit artikel geeft een aanzet in de wijze waarop sociale media het werk van de bhv kan veranderen.

Met sociale media kunnen gebruikers online of mobiel informatie delen in een sociale omgeving, waardoor een conversatie kan ontstaan (Veilig omgaan met sociale media, 2011). Dit kan in het openbaar plaatsvinden, dus voor iedereen toegankelijk of in een gesloten groep. Voor de bhv- organisatie zijn drie kenmerken van sociale media ook van belang. Dit zijn snelheid, onbegrensde deelmogelijkheden van informatie en interactie.
 •    Snelheid; Met mobiel internet op laptops, tablets en smartphones heeft iedereen bijna altijd toegang tot internet en kan daardoor continu informatie delen én ontvangen. Wanneer er sprake is van een bepaalde situatie kan dit ook bijna direct worden gedeeld in een sociale omgeving op het internet, zoals via Facebook, YouTube of Twitter.
•    Onbegrensde deelmogelijkheden van informatie; Met één druk op de knop kunnen gebruikers tekst, foto, video of audio delen met andere gebruikers overal ter wereld. De gebruiker hoeft weinig technische kennis te hebben om aan de slag te gaan met sociale media.
•    Interactie; Online in gesprek komen en blijven, dat maakt sociale media sociaal. Interactie onderscheidt sociale media van andere media.

De kenmerken van sociale media komen in meer of mindere mate altijd aan bod tijdens een noodsituatie. In veel noodsituaties is vooral de snelheid opvallend. Zo wordt in sommige gevallen eerder of tegelijk (via website met realtime P2000-meldingen) met het alarmeren van de hulpdiensten een bericht op sociale media geplaatst. In weer andere gevallen valt het op dat er veel foto’s, filmpjes of teksten over een noodsituatie verschijnen op sociale media.
Op 2 november 2013 gebeurde er op de A1 een busongeluk met drie touringcars. Direct na het ongeluk verschenen informatie en beeldmateriaal over het ongeval, waarna in de minuten daarna ook getuigen verklaarden hoe de hulpverlening op gang kwam. Passagiers in de touringcars maakten ter plaatse en vanuit de bus foto’s van de aanwezige hulpdiensten. Langsrijdende automobilisten fotografeerden het ongeluk. Dit voorbeeld geeft aan dat ooggetuigenverslagen anno 2014 gebeuren zonder inmenging van de professionele media. Slachtoffers en betrokkenen zijn zelf journalist en fotograaf tijdens een gebeurtenis.  Hierdoor is er inmiddels meer en meer aandacht voor de waarde van sociale media als bron van informatie. Toch is het nog niet overal vanzelfsprekend om sociale media als informatiebron te gebruiken. Vraag bijvoorbeeld maar eens binnen een zorginstelling: wie verzorgt de sociale media monitoring? De kans is groot dat dit niet structureel is geborgd.
De andere functie van sociale media is veel meer bekend, namelijk die van communicatiemiddel. Sociale media vormen een onderdeel van het totale palet aan communicatiemiddelen dat een organisatie ter beschikking heeft om te communiceren. Wie zich in sociale media verdiept, merkt al snel dat het nodig is om goed over de inzet van de verschillende media - afzonderlijk en in relatie tot elkaar - na te denken. Want wat wil de organisatie nu precies bereiken? Hoe past het gebruik van sociale media binnen de organisatie- en communicatieplannen? En hoe sluit de inzet van de sociale media aan op de inzet van andere media- of communicatiemiddelen? Om de inzet voor de bhv’er van de toekomst te bepalen is het goed om je te realiseren dat sociale media twee functies hebben. Op de eerste plaats zijn sociale media communicatiemiddelen, ten tweede zijn sociale media bronnen van informatie.

Communicatiekanaal
Communicatie is een middel dat de bhv’er kan gebruiken bij een ontruiming. Het kan handig zijn om in een noodsituatie alle werknemers en andere personen in een inrichting of zorginstelling te alarmeren. Of sociale media hierbij een handig middel zijn? Wellicht als er een WhatsApp groep wordt aangemaakt van het bedrijf. Deze app maakt het mogelijk om gratis via een internetverbinding met één of meerdere personen foto’s, video’s en teksten te delen. De bhv’er kan ook een noodsituatie voorkomen door bijvoorbeeld preventief videomateriaal ter beschikking te stellen op een YouTube-kanaal. Via YouTube is ook verslaglegging te doen van een oefening. Op YouTube is veel materiaal te vinden over deze onderwerpen. Van video’s van het NIBHV over hoe te ontruimen tot aan realistische oefeningen van een zwembad en een hogeschool. Het zijn allemaal communicatie-uitingen die kunnen helpen om de zichtbaarheid van de bhv’er te versterken.
Andere mogelijkheden om als bhv’er sociale media als communicatiekanaal te gebruiken zijn bijvoorbeeld preventieberichten via Twitter of Facebook. Berichten met daarin vragen als: wat zijn de belangrijkste oorzaken en effecten van noodsituaties binnen dit bedrijf? En hoe kan je deze als medewerker in de toekomst voorkomen? Op deze wijze zijn collega’s in een bedrijf te betrekken bij de voorbereiding of het voorkomen van een noodsituatie.
Het bewustzijn van collega’s is met behulp van dergelijke berichten ook te vergroten. Laat collega’s maar eens een video zien van de snelheid waarmee rook en brand zich ontwikkelen in een gebouw. Natuurlijk zijn oefeningen ook op deze wijze aan te kondigen. Hierbij is het goed om onderscheid te maken tussen communiceren intern of extern om de buitenwereld te betrekken. Via sociale media is het mogelijk om een beroep te doen op nabijgelegen bedrijven of burgers in de buurt. Als een bedrijf bijvoorbeeld hulp kan gebruiken bij een ontruiming, dan is sociale media een middel om burgers of andere bhv’ers in de omgeving op te roepen. Ook is het mogelijk om een (eerste) beeld van de situatie te delen met de buitenwereld, door een foto of video online te delen. Duidelijk moet dan wel zijn welke informatie wel en niet openbaar is te delen.

Informatiebron
Sociale media kunnen een bron van informatie vormen voor de bedrijfshulpverlening. Zijn er op Twitter of Facebook bijvoorbeeld berichten te vinden van onveilige situaties in de organisatie? Of mogen onveilige situaties wellicht worden gemeld op sociale media? Belangrijk bij deze functie van sociale media is wel: wat moet de bhv’er straks met alle informatie die ze zien? Het is niet ondenkbaar dat bepaalde hulpvragen via de sociale media naar boven komen. Op welke manier moet en wil de bhv’er hier dan op inspringen? Dergelijke hulpvragen zijn immers openbaar en publiekelijk toegankelijk. Recente incidenten in Nederland, maar ook wereldwijd laten zien dat men oproepen voor hulp online plaatst. Zo worden hulpdiensten bij een (natuur)ramp soms al via Twitter door burgers benaderd voor hulp of advies.

Hoe nu verder?
Een bhv’er is op dit moment vooral opgeleid om in noodsituatie werknemers en klanten in veiligheid te brengen. Binnen een organisatie weet hij als geen ander hoe eerste hulp te verlenen; of dit nu gaat over reanimeren of het verbinden van wonden. Hoe nu verder te gaan hangt vooral af hoe we de bhv’er in de toekomst willen positioneren? Zijn de bhv’ers van de toekomst de veiligheidsambassadeurs van een organisatie, zoals het NIBHV voorstelt in haar Visie op zelfredzaamheid en bedrijfshulpverlening’ (november 2012)? En past daarbij ook het betrekken van partners en van de omgeving? Dan zijn wellicht sociale media ook handig om in te zetten.
De vraag is dus wel in welke mate de bhv’er op dit moment gebruik van sociale media kan en wil maken. Tot slot: in een noodsituatie beginnen met het gebruik van sociale media is onverstandig. Zorg tijdens het beoordelen van de risico’s in een pand, het opstellen van risicobeleid en het oefenen dat de sociale media al een rol hebben. Op deze wijze krijgt het gebruik van sociale media de tijd om in de organisatie te slijten alvorens dat een noodsituatie plaatsvindt. Tijd die je dan als bhv’er immers niet hebt…

Niek van As, adviseur beleid en onderzoek bij adviesbureau VDMMP.
Roy Johannink, senior adviseur beleid en onderzoek bij adviesbureau VDMMP.



Mercuri Urval is een internationale adviesorganisatie

Het corporate gevoel van een sympathieke headhunter

Als je een interview hebt bij Mercuri Urval met Marcel L’Herminez, komen er spontaan drie vragen bovendrijven.

Coenen Concept bouwt tandartspraktijk in Veldhoven

‘Interieur draagt bij aan optimale dienstverlening 5504 Mondzorg’

‘Niets is onmogelijk’. Dat is het motto van Lars van Breukelen.

Mkb’ers ontdek het internationaal talent in de regio!

What about the spouses?

Eindhoven gloeit nog na van twee prachtige, drukbezochte evenementen: DDW en Glow. De regio leeft en bruist, bloeit en groeit, onderneemt en innoveert en de toekomst lacht ons tegemoet.

Wim van Wessel maakt Wesco toekomstbestendig

Eigenwijze visie en werkwijze werpen vruchten af in schoonmaakbranche

De schoonmaakbranche is volop in beweging.

De duidelijke meerwaarde van Ergon-medewerkers

‘Ik zou willen dat ik er meer kon aannemen’

Bij het horen van de naam Ergon, denken veel mensen al snel aan de schoffelaars in de gemeenteplantsoenen.

Meten is weten

Nul40 on- en offline mediabureau in Eindhoven

‘Onze klanten hebben altijd rechtstreeks contact met senior adviseurs’