• Integraal denken in brandveiligheid
29 januari 2014
29 jan 2014

Het begrip integraal ontwerpen zie je bij veel vakdisciplines. Toch zien we in de bouw regelmatig dat alleen de diverse onderdelen separaat worden onderzocht op kwaliteit. Bij integraal ontwerpen van een gebouw beschouw je de diverse onderdelen in samenhang met andere onderdelen. Hierbij worden alle fasen van een gebouw meegenomen van eerste schets tot en met de sloop. Binnen de brandveiligheid wordt de term regelmatig genoemd, maar wat houdt het in de praktijk in?

Integraal denken in brandveiligheid

Het begrip integraal ontwerpen zie je bij veel vakdisciplines. Toch zien we in de bouw regelmatig dat alleen de diverse onderdelen separaat worden onderzocht op kwaliteit. Bij integraal ontwerpen van een gebouw beschouw je de diverse onderdelen in samenhang met andere onderdelen. Hierbij worden alle fasen van een gebouw meegenomen van eerste schets tot en met de sloop. Binnen de brandveiligheid wordt de term regelmatig genoemd, maar wat houdt het in de praktijk in?

Vanuit de Arbowetgeving, milieuwetging en bouwregelgeving worden eisen gesteld aan gebouwen. De afstemming tussen de wetgeving is niet integraal. Zo worden in de bouwregelgeving eisen gesteld aan de bouwkundige en installatietechnische aspecten van brandveiligheid. Hieronder vallen bijvoorbeeld brandscheidingen, loopafstanden, doodlopende einden en dergelijke. De organisatorische kant van brandveiligheid wordt vanuit de Arbowetgeving georganiseerd. Het aantal bhv-ers dat in de nacht aanwezig moet zijn en de aanwezigheid van een bedrijfsbrandweer wordt op deze wijze georganiseerd. Het is mogelijk dat door gebrek aan afstemming tussen de wetgeving het brandveiligheidsniveau discutabel is. Het is mogelijk dat 15 bedlegerige personen ’s-nachts door 1 of 2 bhv-ers uit een compartiment moeten worden geholpen bij een brand. Ontruimingsoefeningen maken duidelijk dat het onmogelijk is om met een dergelijke bezetting de bedreigde personen binnen een paar minuten in veiligheid te brengen. Als er dan ook nog door minimalisatie van maatregelen is gekozen voor niet-zelfsluitende deuren en deze niet door bhvers worden gesloten bij een brand, dan groeien de kansen op slachtoffers. Combinaties met onvoldoende brandvertragend interieur en onvoldoende aandacht voor de brandwerendheid bij doorvoeringen en luchtkanalen, maakt het recept voor een ramp dan compleet. Sinds 2007 is in de woningwet de zogenaamde zorgplicht opgenomen. Deze geeft aan dat eigenaren, verhuurders, huurders, bouwers en slopers de verantwoordelijkheid dragen voor hun gebouw. Toetsing of goedkeuring door overheid, brandweer of medewerkers van bouw- en woningtoezicht, ontslaat eigenaren, huurder, verhuurders, bouwers en slopers niet van de eindverantwoordelijkheid. Indien door verkeerde keuzes van bijvoorbeeld gebruiksfuncties er in de praktijk gevaarlijke situaties ontstaan, dan zijn de eigenaren, gebruikers en verhuurders hiervoor verantwoordelijk. Om de daadwerkelijke veiligheid te kunnen bepalen, zal dan niet alleen naar wet- en regelgeving kunnen worden gekeken, maar kan ook een beroep worden gedaan op risicoanalyses. Door middel van het integraal beoordelen van brandveiligheid kan men de risico’s in kaart brengen. Hierbij moet rekening worden gehouden met realistische brandscenario’s. Deze brandscenario’s moeten zijn afgestemd op de gebruiksfuncties en ontwerp van een gebouw. Ook de te verwachten brandkarakteristiek, met ondermeer de snelheid waarin een brand zich ontwikkeld, het vermogen van een brand per tijdseenheid, en de hoeveelheid rook die wordt geproduceerd zijn belangrijke uitgangspunten. Hierbij zullen realistische, maar wel maatgevende scenario’s moeten worden bepaald.

Doelstellingen
Belangrijk is het ook om de te bereiken doelen vast te leggen. Dit kunnen bijvoorbeeld het beschermen van de personen in het gebouw zijn, maar ook het beperken van de schade bij brand, bedrijfscontinuïteit en het beschermen van het milieu. De uitkomsten van de analyses zullen moeten worden afgemeten aan de doelstellingen. Er zijn verschillende methodes om de scenario’s op te stellen en te benaderen. Als basis kan bijvoorbeeld de gebeurtenissenboom worden gebruikt, zoals bijvoorbeeld voor de brandveiligheidsconcepten zijn opgesteld (zie schema). In het normatief brandverloop (opgesteld in midden jaren 90) zijn tijden vastgesteld voor iedere fase van het brandverloop. Deze tijden hebben als uitgangspunt gediend bij het vaststellen van wetgeving op het gebied van brandveiligheid. Op ieder onderdeel kan invloed worden uitgeoefend door het toepassen van een specifieke maatregel. Zo kan de ontdekkingstijd worden verkort door toepassen van rookmelders en kan de noodzakelijkheid van totaalontruiming bij een correct uitgevoerde sprinklerinstallatie ter discussie staan. Om tot een integrale afweging te komen zullen de diverse onderdelen de tijden moeten worden ingevuld. Per bouwplan kan een brandverloop (scenario) worden opgesteld, afhankelijk van de opbouw, gebruiksfuncties en de geplande maatregelen. Op basis van scenario-analyse kan worden bepaald of aan de doelstelling kan worden voldaan. Het pakket aan maatregelen moet integraal worden beschouwd. Dit houdt in dat zowel de organisatorische maatregelen als de bouwkundige en installatietechnische voorzieningen moeten worden meegenomen in het risico-scenario. Ook de verschillende bouw- en gebruiksfases moeten hierbij worden meegenomen.

Moderne stoffen
Een van de factoren die van grote invloed is, is het brandgedrag van moderne materialen. Zo is de brandvoortplantingssnelheid van interieur behoorlijk vergroot. Deze is voor veel ruimten niet voorgeschreven in de wet, maar is wel een belangrijke factor, omdat het de snelheid bepaalt waarmee een brand zich in een gebouw ontwikkelt. Uit een aantal proefbranden volgt dat door de lichte houtsoorten en vele (schuim) kunststoffen die we nu toepassen, branden zich veel sneller ontwikkelen [UL: 2009]. Dit heeft grote gevolgen voor het totale brandverloop. Het gebruiken van brandcurves die in de jaren ‘60 van de vorige eeuw zijn bedacht, geven geen realistische scenario’s. Ook de toxiciteit van rook is van belang. De kunststoffen die nu veel worden gebruikt, produceren onder invloed van hoge temperaturen veel zoutzuurgas, blauwzuurgas, polyaromatische koolwaterstoffen, naast de reguliere kooldioxide en koolmonoxide en roet. Deze stoffen leveren bij inhalering ook schade op, die zich na verloop van tijd manifesteert. Het is onduidelijk in hoeverre de wet- en regelgeving op deze feiten wordt aangepast.

Conclusie
Voor het bepalen van de brandveiligheidsvoorzieningen kan een beroep worden gedaan op wet- en regelgeving. Dit levert echter niet altijd passende maatregelen op en in specifieke gevallen een groot risico op grotere calamiteiten. Dit met name omdat wetgeving onderling niet goed is afgestemd. Met behulp van scenario-analyses kunnen maatgesneden oplossingen worden aangedragen. Hierin moeten realistische maatgevende scenario’s worden opgesteld, passend bij gebouw, gebruikers en inventaris. Het zal duidelijk zijn, dat voor het bepalen van de diverse onderdelen veel kennis nodig is. Deze kennis gaat een stuk verder dan alleen het volgen van wet- en regelgeving. Het integreren van kennis over het menselijk gedrag bij brand, het brandgedrag van brandbare stoffen en de invloed van brand op constructieonderdelen is hierbij noodzakelijk. Ook moeten de organisatorische maatregelen worden geïntegreerd met de bouwkundige en installatietechnische voorzieningen. Het vakgebied brandveiligheid is duidelijk nog stevig in ontwikkeling.



Mercuri Urval is een internationale adviesorganisatie

Het corporate gevoel van een sympathieke headhunter

Als je een interview hebt bij Mercuri Urval met Marcel L’Herminez, komen er spontaan drie vragen bovendrijven.

Coenen Concept bouwt tandartspraktijk in Veldhoven

‘Interieur draagt bij aan optimale dienstverlening 5504 Mondzorg’

‘Niets is onmogelijk’. Dat is het motto van Lars van Breukelen.

Mkb’ers ontdek het internationaal talent in de regio!

What about the spouses?

Eindhoven gloeit nog na van twee prachtige, drukbezochte evenementen: DDW en Glow. De regio leeft en bruist, bloeit en groeit, onderneemt en innoveert en de toekomst lacht ons tegemoet.

De duidelijke meerwaarde van Ergon-medewerkers

‘Ik zou willen dat ik er meer kon aannemen’

Bij het horen van de naam Ergon, denken veel mensen al snel aan de schoffelaars in de gemeenteplantsoenen.

Meten is weten

Nul40 on- en offline mediabureau in Eindhoven

‘Onze klanten hebben altijd rechtstreeks contact met senior adviseurs’

Wim van Wessel maakt Wesco toekomstbestendig

Eigenwijze visie en werkwijze werpen vruchten af in schoonmaakbranche

De schoonmaakbranche is volop in beweging.