• Kleinschalige woningen kwalitatief goed<br />
18 mei 2009
18 mei 2009

Kleinschalige woningen kwalitatief goed

De woonkwaliteit van kleinschalige woonvoorzieningen in de gehandicaptenzorg is over het algemeen goed. Dit laat zien dat het loslaten van bouwregime voor deze voorzieningen goed heeft uitgepakt. Dit concludeert het Centrum Zorg en Bouw van TNO in het rapport 'Nieuwe kleinschalige woonvoorzieningen in de Gehandicaptenzorg' dat is overhandigd aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

In het rapport zijn de gebouwen die sinds 2002 onder de beleidsregel kleinschalige woonvoorzieningen in gebruik zijn genomen steekproefsgewijs onderzocht. Het onderzoek is grotendeels uitgevoerd door het College bouw zorginstellingen (Bouwcollege) dat sinds 1 januari 2009 ten dele is overgegaan in het Centrum Zorg en Bouw. Uit het onderzoek blijkt dat er een flinke slag is gemaakt richting kleinschaligheid. De verdeling naar locatie is vergelijkbaar met de verdeling van de Nederlandse woningvoorraad. Het aandeel huurwoningen is groot, evenals het aandeel (reguliere) eengezins- en meergezinswoningen.

Ook is een grote diversiteit aan woningen aangetroffen, variërend van appartementen tot groepswoningen in alle soorten en maten. De kwaliteit van de huisvesting van de cliënten is in de regel goed en vaak beter dan de prestatie-eisen van het Bouwcollege destijds voorschreven. De privacy is goed voor elkaar. Ruim 80% van de cliënten heeft geen mobiele beperkingen. Een derde deel van de cliënten is woonachtig in appartementen, wat kan duiden op een zekere mate van zelfredzaamheid.

Tevens is het het rapport 'Woonvoorzieningen voor de meest kwetsbare doelgroepen in de Gehandicaptenzorg' uitgebracht. De huisvesting voor deze kwetsbare doelgroepen blijkt in de regel goed op orde te zijn. Praktisch alle cliënten blijken over een eigen zit-/slaapkamer te beschikken. Daar waar cliënten nog een kamer moeten delen gaat het vooral om meervoudig complex gehandicapten. De groepsgrootte is meestal kleiner dan 6 cliënten. De oppervlakte van de zit-/slaapkamers is in een aantal woningen, vooral bij gehandicapten met mobiliteitsproblemen, aan de lage kant. Apparatuur voor alarmering is ruim toegepast. Ruim 10% van de onderzochte gebouwen beschikt over een afzonderingskamer. Deze voorziening is vooral bij de cliënten met gedragsproblemen aanwezig.