• <p>Martin Lagendijk waarschuwt voor CE-markering<font size=.

    Europees keurmerk voldoet niet aan nationaal niveau

    " >
23 augustus 2006
23 aug 2006

Martin Lagendijk waarschuwt voor CE-markering.

Europees keurmerk voldoet niet aan nationaal niveau

Martin Lagendijk is de nieuwe directeur van de Stichting Bouwkwaliteit (SBK). Daarvoor was hij algemeen directeur van het Nederlands Instituut voor Lifttechniek. Verder vervulde hij directie- en bestuursfuncties bij oondermeer de overheid en Stork. Lagendijk werkte daarnaast als zelfstandig adviseur voor de aerospace en beproevingscertificatie in het MKB. SBK stimuleert de integrale kwaliteitszorg in de bouw en bevordert de certificatie in de bouwsector. De stichting coördineert de erkenning van alle kwaliteitsverklaringen in de bouw. Daarnaast fungeert de SBK als liaison voor Nederland voor de Richtlijn Bouwproducten en de Europese certificering.

U bent voorzitter geweest van het Liftinstituut, maar eerder ook beleidsadviseur op het ministerie van Sociale Zaken. Wat is uw link met de bouwsector?

'Ik heb eigenlijk nooit gewerkt in de bouw, maar ik heb in verschillende functies wel met de sector te maken gehad. Als beleidsadviseur ben ik op het ministerie betrokken geweest bij het tot stand komen van EU-richtlijnen. Denk daarbij aan het opheffen van handelsbelemmeringen. Daar heeft de bouw ook mee te maken. En om tot die vrije handel te komen zijn normering en keurmerken belangrijk.'

De SBK houdt zich bezig met de kwaliteit van de bouw. Wat zou u graag zelf willen veranderen als het gaat om kwaliteitsverbetering in de bouwwereld?

'Waar ik naar toe zou willen is dat de kwaliteit van gebouwen zodanig is dat kopers merken dat er goed is nagedacht over kwaliteit. Panden waar je van merkt dat er nagedacht is over alle essentiële onderdelen. Eigenlijk zou ik naar één gecertificeerd gebouw toe willen gaan. Er bestaan nu heel veel keurmerken voor allerlei producten en processen, maar deze zijn sterk fragmentarisch. Ik denk dat het beter is om tot één keurmerk te komen, waar al die anderen een onderdeel vanuit gaan maken. Het mooiste zou dan zijn als er dan op Europees niveau één keurmerk voor gebouwen komt, maar helaas is het nog lang niet zo ver. Laten we eerst maar eens beginnen ons eigen tuintje op orde te maken. Daarna kunnen we werken aan integrale kwaliteit in de bouw, waarbij we de kwaliteit van het bouwproces gaan beheersen. Van het ontwerp tot de uitvoering tot zelfs het gebruik en de sloop van een pand. Ik denk dat het belangrijk is te streven naar kwaliteitsverhoging. Goede kwaliteit van gebouwen inclusief de installaties, waarbij je ook denkt aan de energetische aspecten. Kwaliteit is meer dan certificeren. Het gaat ook om juiste werkprocessen en vakbekwaamheid. Behalve producten en diensten, zou je ook personen kunnen certificeren. Natuurlijk sluit je fouten nooit uit, maar als iemand deskundig is, verklein je de kans op fouten aanzienlijk. Het blijft mensenwerk. Een aardig voorbeeld waar de bouw iets van kan leren is bijvoorbeeld de automobielindustrie. Daar praat men over kwaliteitssystemen en een wereldwijde markt. Daar zijn logistieke processen heel scherp op elkaar afgestemd. Verschillende leveranciers met verschillende belangen bieden toch een gezamenlijk product aan. Ik zeg niet dat de bouw die kant op moet, maar misschien kunnen we daar wel wat van leren.

De SBK mag met de stelselherkenning sinds juli dit jaar de coördinatie voeren van alle erkende kwaliteitsverklaringen, onafhankelijk van het keurmerk. Wat is hier het voordeel van?

'Voorheen erkende de minister van VROM alle kwaliteitsverklaringen van KOMO één voor één. Dat is nu veranderd. Nu is het zo dat de minister het stelsel erkend waarin de kwaliteitsverklaringen tot stand komen,. VROM en de raad van de Accreditatie zien daar op toe dat Erkende kwaliteitsverklaringen voldoen aan de regelgeving. Dat is een minimaal niveau. Bij KOMO ligt de kwaliteit hoger dan het wettelijk voorgeschreven niveau, omdat ook de markteisen zijn meegenomen Dat is ook heel logisch, want iemand die een product verkoopt, wie de kwaliteit leveren die de markt verlangt. Dat is marktwerking. Leveranciers van goederen en diensten hebben dan ook baat bij een goed keurmerk dat staat voor een hoge kwaliteit. Het is dan ook goed dat een private partij als de SBK deze KOMO keurmerken afgeeft en toeziet op de kwaliteit. Uiteraard worden ook wij weer gecontroleerd. Dat gebeurt door de Raad van Accreditatie en het Ministerie van VROM.

Behalve de Nederlandse keurmerken en wetgeving, bestaat er ook de Europese CE-markering. Hoe zwaar weegt dat Europese oordeel?

'Als je alleen CE-markering hebt, heb je nog lang geen zekerheid dat het product voldoet aan Nederlandse eisen in de bouw. De CE-markering is er gekomen ter bevordering van het vrije handelsverkeer in Europa. Dat betekent nog niet dat zo'n CE-product gelijk mag worden toegepast in een bouwwerk. Het kan zijn dat zo'n product niet voldoet aan de specifieke eisen die gelden in de bouw. In Nederland bestaat er goede wetgeving. zoals het Bouwbesluit. Je kan dus niet zomaar met die producten aan de slag. Je moet voldoen aan de wetgeving. CE-markering zegt ook niets over de eisen die de markt stelt. Laat ik een voorbeeld noemen. Neem nu een deur. Die kan worden geleverd met CE-markering. Dan kan die deur wel zo gemaakt zijn dat hij scheluw is. Dus als hij in een deurpost hangt, slaat hij altijd open of dicht. Wie dan zo'n openklappende deur heeft aangeschaft, zal deze dan alsnog moeten aanpassen. Dat betekent dus dat een gebouwbeheerder die kiest voor een product dat enkel het CE-certificaat draagt, goed moet nagaan of hij wel een goed product heeft. Dat maakt het verschil met KOMO-gecertificeerde producten en processen.'

Als we rondkijken in de bouwsector, zien we heel veel certificaten, keurmerken en voorschriften. Hou houdt een ondernemer nog het overzicht?

'Ik zou het mooi vinden om de markt op één website te laten zien dat er meer hoogwaardige certificaten zijn zoals KOMO. We geven nu op onze website een overzicht van onze eigen keurmerken. Het zou mooier zijn als er één overzicht komt van alle certificaten die er in de bouwwereld zijn. Zo zijn er KIWA-certificaten voor alles wat te maken heeft met waterleidingen en KEMA voor elektriciteit. Dat zijn private merken, niet erkend binnen ons nationale stelsel. Ook zij voldoen eveneens als KOMO aan het wettelijke minimum en kunnen dus voor erkenning in aanmerking komen binnen het stelsel. Ze zijn daarom van harte welkom om zich bij ons te voegen, maar het blijven natuurlijk private partijen met eigen belangen.'

In uw functie van algemeen directeur van het Nederlands Instituut voor Lifttechniek was u betrokken bij het opstellen van Europese normen voor deze branche. Waarom is er nog geen Europese norm voor de bouw?

Voor de bouw bestaat er geen Europese norm, maar wel een richtlijn, de CPD. De CE-markering is hierop gebaseerd. Een bouwwerk bestaat uit vele onderdelen, waarvoor aparte normen bestaan. In Europa wordt eraan gewerkt de nationale normen om te zetten in geharmoniseerde Europese normen voor de bouw. Een gigantische klus want het gaat om grote aantallen. Inmiddels zij er meer dan 200 gereed. De Europese normen vervangen de nationale normen, bij ons de NEN normen. Dat zijn nu EN-normen. Hieraan moeten bouwproducten voldoen. Ook als ze KOMO gecertificeerd zijn. Er wordt dus veel inzet gepleegd om op Europees niveau van dezelfde standaard uit te gaan.Het meest ideale is dan natuurlijk dat voor ieder product een norm bestaat, zodat een gebouw of een brug geheel is opgebouwd uit genormeerde producten. Met certificering van producten op basis hiervan, maar zeker ook de processen om het gebouw in elkaar te zetten, is het mogelijk te spreken van een gecertificeerd gebouw. Of dat is te vatten in één EN-norm is mogelijk een brug te ver, maar is wel het doel waarnaar we als SBK blijven streven in het kader van integrale kwaliteit.

Streamers:

'De gebouwbeheerder die kiest voor een product dat enkel het CE-certificaat draagt, moet nagaan of hij wel een goed product heeft.'

'