• Slecht gesteld met gebouwbeheer in de zorg
19 oktober 2005
19 okt 2005

Slecht gesteld met gebouwbeheer in de zorg

Slecht gesteld met gebouwbeheer in de zorg

Verzorgingshuizen hebben te kleine kamers, in verpleeghuizen delen te veel mensen een badkamer en veel instellingen hebben liften die niet groot genoeg voor een brancard zijn. Dat zijn de conclusies uit het rapport dat het College Bouw Ziekenhuisvoorzieningen (CBZ) afgelopen maandag overhandigde aan staatssecretaris C.I.J.M. Ross- van Dorp van VWS.

Ross-Van Dorp spoort de zorgsector aan om zo snel mogelijk de problemen aan te pakken. Hiervoor komt de komende vier jaar veertig miljoen euro beschikbaar. Op drie aandachtspunten beoordeelde het rapport verpleeghuizen en verzorgingsinstellingen in Nederland. Gekeken werd er naar de woonruimte, het sanitair en de toegankelijkheid van gebouwen.

Ruimte

Het CBZ signaleert dat een kwart van de appartementen van verzorgingshuisbewoners kleiner zijn dan de minimale voorgeschreven 24 vierkante meter. Slechts tien procent van de bewoners beschikt over een onderkomen dat aan deze nieuwbouweis voldoet. Daarnaast merkt het rapport op dat het oorspronkelijke ziekenhuisconcept met kamers voor vier of zes bedden plaats maakt voor meer eenpersoonsruimten en splitsbare tweepersoonskamers. Dit komt door de komst van grotere bedden en het gebruik van nieuwe hulpmiddelen zoals tilliften. Deze hulpmiddelen nemen op hun beurt extra ruimte in. Ook is sinds de jaren negentig de vereiste oppervlakte per bed toegenomen. Aansluitend geeft het rapport aan dat het CBZ het huidige project wil voortzetten, waarin wordt getracht de afbouw van de kamers voor meer dan drie personen te versnellen.

Sanitair

Volgens het College Bouw Ziekenhuisvoorzieningen (CBZ) heeft tweederde van de inwoners van een verzorgingshuis te maken met te kleine badkamers. Het verouderde sanitair geeft problemen omdat een rolstoel er veelal niet in past. Ook is er te weinig ruimte voor het personeel om iemand te helpen bij de wastafel of het toilet. De gebouwen die vanaf de jaren negentig zijn gebouwd, komen op dit punt wel goed uit de bus. Gebouwen van eerdere datum scoren relatief minder goed. Verpleeghuizen komen op dit punt beter uit de bus. Hier speelt een ander probleem. Bijna zestig procent deelt een badkamer met meer dan vier personen. In het nieuwe bouwbesluit streeft men juist naar een maximaal aantal van vier bewoners. Slechts achttien procent van de degenen die in een verpleeghuis beschikt over een eigen badkamer of hoeft die maar met één andere persoon te delen. In deze sanitaire ruimeten is er meestal voldoende manoeuvreerruimte voor een rolstoel en hebben de verplegers onvoldoende ruimte om hulpbehoevenden vanaf een kant te kunnen helpen bij toilet en wastafel.

Toegankelijkheid

Over de toegankelijkheid van verzorgingsinstellingen en verpleeghuizen is het rapport positief. De algemene toegankelijkheid van de gebouwen wordt gekwalificeerd als goed. Men voldoet hier aan de eisen, alleen wijst het CBZ op een knelpunt. De helft van de bewoners heeft te maken met een lift die niet brancardtoegankelijk is. In het verleden was dit in verzorgingshuizen namelijk nog niet nodig.

Verbouwplannen

Ross wijst er op dat de eisen aan gebouwen in deze sector de afgelopen jaren snel zijn gewijzigd. Volgens haar is het dan ook logisch dat de nieuwe huizen wel aan de eisen voldoen en de oudere huizen niet. Volgens VWS worden de probleemgevallen aangespoord om snel verbouwplannen in te dienen. Begin 2006 zal het Bouwcollege een rapport uitbrengen waarin de kosten in kaart worden gebracht voor deze renovaties.